Raadsvoorstel Tram Vlaanderen - Maastricht

In de structuurvisie 2030 “Ruimte voor ontmoetingen” kiest de stad voor een robuuste en duurzame bereikbaarheid en ontsluiting.

M.a.w. er wordt gekozen voor robuuste regionale structuren voor alle verkeersmodaliteiten( auto, openbaar vervoer en fiets )

Aan deze keuze is een pakket van samenhangende maatregelen verbonden , zoals het A2 project, het Noorderbrugtraject , maar ook een aantal fietsverbindingen , die daaronder vallen.

Het voorliggend raadsvoorstel geeft belangrijke impulsen aan de Euregionale bereikbaarheid en is goed voor de stedelijke economie van Maastricht en van de aangesloten stedelijke gebieden ,  waarbij de exploitatie van de tramverbinding gedurende 35 jaar wordt gegarandeerd door de Belgische partijen.

Een tramverbinding tussen Hasselt en Maastricht biedt een duurzaam vervoerssysteem en een kwaliteitsimpuls voor het openbaar vervoer , met positieve effecten op economie , onderwijs , toerisme en recreatie.

In 2007 zijn de voorbereidingen gestart van het project Tram Vlaanderen Maastricht , in 2008 is er gekozen voor de stadsvariant , de tracékeuze door de binnenstad van Maastricht in 2011 en het projectbesluit in 2012.

In 2008  heeft de gemeenteraad op basis van de koersnota “afscheid” genomen van het tracé over de spoorbrug , deze variant biedt weinig toekomst perspectief omdat het geen realistisch tracé blijkt te zijn.

 

Waarom niet ?

 

-Regelmatige dienstregeling is onmogelijk , onder andere door verlengd spoor, brugopeningen en tijdpaden goederenvervoer.

-Uitbreiding dienstregeling van 30 naar 15 minuten is onmogelijk.

-Voor de scheepvaart ligt vast dat de brug bij hoog water tenminste 15 minuten per uur omhoog moet.

-Trams horen niet thuis op het spooremplacement vanwege veiligheidseisen , voltages , perronhoogtes en kruisende sporen.

-Tracé via spoorbrug leidt er toe dat er geen centrumhaltes in Maastricht-West (Markt en omgeving) zijn, hetgeen voor de Lijn

(exploitant van de tram) cruciaal is. Deze zijn namelijk voor de Belgische bezoekers de belangrijkste bestemmingen.

 

In 2011 kiest de gemeenteraad uiteindelijk voor het stadstracé.

Het stadstracé krijgt 3 haltes: Belvédère, Van Hasseltkade/

Wilhelmina brug en Centraal Station. In 2012 is de verdere uitwerking van dit tracé ter hand genomen. Tijdens de uitwerking van het tracé zijn in 2014 de eerste signalen afgegeven voor problemen op het vlak van techniek , financiën en de planning met mogelijke gevolgen voor het bestemmingsplan , wat heeft geresulteerd in een review.

Uit deze review bleek dat het project niet binnen de kaders gerealiseerd kan worden. De daar op volgende variantenstudie , waaronder het onderzoek naar een tijdelijke eindhalte aan de Boschstraat of aan de Maasboulevard , is de variant Maasboulevard als beste variant uit de bus gekomen. Uit de resultaten van het onderzoek bleek o.a. dat de tijdelijke variant Mosae Forum nagenoeg gelijkwaardig is aan het oorspronkelijk trace met als eindhalte het station. Vooral op het belangrijkste criterium vervoerswaarde blijkt er sprake te zijn van slechts 4 procent vermindering  , wat onder meer te maken heeft met het feit , dat ter plaatse van de tijdelijke eindhalte Mosae Forum , een optimale overstap van tram op bus te realiseren is.

 

Zoals ik aan het begin van mijn bijdrage aangaf hecht de VVD ,  met het oog op bereikbaarheid en economische structuur , aan robuuste regionale structuren voor alle verkeersmodaliteiten.­

De VVD heeft vanaf het allereerste moment positief gestaan tegenover een tramverbinding tussen Hasselt en Maastricht.

Nú de conclusie van de variantenstudie is , dat het project Tram Vlaanderen-Maastricht met de voorgestelde scope/aanpassing binnen de kaders gerealiseerd kan worden , geeft de VVD-fractie graag groen licht  voor een vervolg aan het TVM project en spreekt de hoop uit dat de ambitie om tot bij het Station te geraken , onverkort overeind blijft.

 

De VVD fractie ziet , na een afwezigheid van 100 jaar, met verlangen uit naar de thuiskomst van de Tram in onze mooie stad Maastricht !